Bewonerscomité Korvelseweg

Korvelseweg 86

In de vergadering van 31 juli heeft de Welstandscommissie zich nog eens gebogen over de opbouw voor Korvelseweg 86. Dit naar aanleiding van ons bezwaarschrift. Zie ons eerder bericht daarover HIER. Dit is hun mening:

Het project aan de Korvelseweg 86 betreft een toevoeging van een volume op een cultuurhistorisch waardevol ensemble. In haar adviezen is de commissie ingegaan op de planologische aspecten en op de welstandstoets. Eveneens is getoetst of het plan onevenredige afbreuk doet aan de cultuurhistorische waarden van het object en/of zijn directe omgeving.
De commissie is sinds 2011 al betrokken bij planvorming voor deze locatie. Daarbij zijn meerdere planvarianten besproken, variërend van eenvoudig en historiserend tot onderscheidend en eigentijds. De commissie heeft de inzichten vanuit dit voortraject in haar advies meegewogen. Daarnaast constateert zij dat, óók binnen cultuurhistorisch waardevolle ensembles, er vragen zijn naar eigentijds gebruik, vergroting van gebruiksoppervlak, of nieuwe woonconcepten. De Omgevingscommissie ziet deze ontwikkelingen als onderdeel van het historische feuilleton van de linten van Tilburg en sluit deze, ook op kwetsbare locaties, daarom niet bij voorbaat uit. Wél wordt er in voorkomende gevallen een extra hoge kwaliteit gevraagd van het plan en de uitwerking daarvan. De commissie is van mening dat met het bouwplan aan dat vereiste wordt voldaan.
Eerdere varianten met een historiserende uitbreiding van het volume (middels een verlengde kap), achtte de commissie minder passend dan het vergunde voorstel. Op die wijze zou er een schaal en geschiedenis worden gesuggereerd waar deze er niet zijn of zijn geweest. Zij kiest dan eerder voor een onderscheidend en eigentijds gebaar dat de basisidentiteit van het ensemble intact laat en respecteert.
Voor wat betreft de vraag met betrekking tot het afwijken van het bestemmingsplan concludeert de commissie het volgende. Het initiatief betekent de toevoeging van een nieuw element op de bestaande bouwlaag van dit hoekpand. Het omvat geen grootschalige ingreep die leidt tot sloop van erfgoed, tot aantasting van het verkavelingspatroon of tot een nieuw en breed bouwvolume, en is in die zin binnen de ruimtelijke opbouw ter plaatse verhoudingsgewijs toch beperkt van schaal. Omdat er niet wordt gesloopt, de historische structuur en historische bouwmassa verder niet worden aangetast, en het ensemble als geheel gehandhaafd en als beeld beleefbaar blijft, blijft de commissie van mening dat kan worden afgeweken van het bestemmingsplan.

Zie tevens hieonder.

Het ontwerp gaat uit van een terugliggend, zelfstandig volume dat door zijn vorm en materialisering een herkenbare nieuwe dimensie toevoegt aan de bestaande historische bouwmassa. Met het uiteindelijke ontwerp is op correcte wijze gereageerd op de vraag van de commissie om de continuïteit van de ronde opbouw beter te waarborgen, ook met raamopeningen. De interactie tussen het volume en de insnijdingen (raamopeningen) is in het uiteindelijke ontwerp aanzienlijk verbeterd. Mede gelet op de eerdere adviezen van de commissie inzake het bestemmingsplan wordt geconcludeerd dat de voorgestelde toevoeging van een bouwvolume op dit hoekpand weliswaar een belangrijke verandering inhoudt, maar dat deze geen onevenredige afbreuk doet aan de cultuurhistorische waarde van het object en/of zijn directe omgeving. De Omgevingscommissie wijst in haar adviezen ook nog op het historische fenomeen van de bijzondere hoekoplossing
dat hier op een nieuwe wijze wordt ingevuld.
Voor de Omgevingscommissie kan er alleen in bijzondere gevallen aanleiding zijn voor afwijking van het bestemmingsplan. Dit hangt in dit geval nauw samen met de ruimtelijke en architectonische kwaliteit van de beoogde toevoeging. Met een zorgvuldige inpassing, plaatsing en vormgeving van het nieuwe element kan onevenredige afbreuk aan de cultuurhistorische waarde van een ensemble worden voorkomen en nieuwe kwaliteit worden toegevoegd. Het bouwwerk vertoont een goede samenhang tussen de architectonische vorm, de plattegronden en de constructieve samenstelling. De commissie heeft waardering voor de wijze waarop de architectonische middelen worden ingezet; betreffende de vorm, de maat en schaal van de bouwvolumes, de gevelindeling, de materialisering en kleurstelling. Op zichzelf en in verband met de omgeving voldoet het bouwwerk daarmee aan redelijke eisen van welstand.
De commissie ziet in de bezwaren geen aanleiding om haar eerdere advies te herzien.

Reageer op dit bericht